Blog · 14 oktober 2026 · 7 min lezen

Hij zette me terug voor mijn eigen orkest.

Mijn ego staat niet op de eerste lessenaar. Mijn verantwoordelijkheid wel.

Ik had ja gezegd voor ik wist waarop. Dat is achteraf bekeken een patroon.

Tijmen Botma was vanuit Nederland naar Knesselare gekomen om een repetitie met mijn orkest bij te wonen. Ik had hem zelf gevraagd. Niet omdat er iets dramatisch mis was, maar omdat ik wilde dat iemand met veel meer ervaring dan ik eens naar ons keek. En naar mij.

Dat laatste klinkt heel nobel wanneer je het vooraf vertelt. Ik sta altijd open voor feedback. Iedereen staat open voor feedback tot er iemand komt die ze daadwerkelijk geeft.

Die avond zaten we samen op restaurant toen Tijmen mij vroeg:

“Wil je bijleren?”

Ja.

“Ben je bereid om oncomfortabel te zijn?”

Ook ja. Heel enthousiast zelfs.

Ik vermoed dat hij toen al wist wat hij ging doen. Ik niet.

Liesa en Tijmen Botma op restaurant voor de repetitie
Op restaurant, vooraf. Ik wist nog niet waarop ik ja had gezegd.

Eerst jij

Nadien begon de repetitie. Tijmen ging niet voor het orkest staan. Ik moest eerst dirigeren. Helemaal. Hij zat achteraan en luisterde.

Dat is een bijzonder onaangename manier om iets te doen wat je normaal iedere week doet. Een repetitie leiden wanneer niemand je beoordeelt voelt behoorlijk natuurlijk. Een repetitie leiden terwijl achter je iemand zit waarvan je weet dat hij hoort wat jij nog niet hoort, verandert plots de manier waarop je armen aan je lichaam hangen.

Maar goed. Ik dirigeerde.

Daarna ging Tijmen voor de groep staan. En natuurlijk gebeurde wat ik hoopte dat zou gebeuren. Hij hoorde dingen. Hij veranderde dingen. Hij stelde andere vragen. Op sommige momenten had hij bijzonder weinig tijd nodig om iets beter te laten klinken waar ik zelf al langer op zat te werken.

Confronterend? Uiteraard. Daarvoor had ik hem gevraagd.

Maar toen deed hij iets waar ik niet op voorbereid was. Hij draaide zich naar het orkest en zei ongeveer:

“Ik kan hier natuurlijk twee uur met jullie werken, maar uiteindelijk zal Liesa jullie dirigeren. Dus ik wil haar graag nog even terug voor de groep zetten.”

Ah.

Daar stond ik weer

Ik had gedacht dat ik die avond ging kijken hoe iemand met meer ervaring mijn orkest repeteerde. Dat is comfortabel leren. Je kijkt. Je denkt: interessant. Je maakt eventueel wat notities. Je rijdt naar huis. Je probeert volgende week iets. Als het niet lukt, heeft niemand ooit geweten wat je precies probeerde.

Tijmen had blijkbaar een ander pedagogisch model. Hij zette me terug voor 55 mensen en begon.

Doe dit anders. Minder. Wacht. Luister. Niet oplossen. Nog eens. Waarom doe je dat? Wat wil je daar eigenlijk? Probeer. Nee. Opnieuw.

En mijn muzikanten zaten erbij.

Tijmen Botma voor het orkest tijdens de repetitie in Knesselare
Tijmen voor de groep. Ik zat erbij, als muzikant van mijn eigen orkest.

Dat laatste is belangrijk. Want er bestaat een veilige manier om als leider te leren. Achter gesloten deuren. Een opleiding volgen. Een coach spreken. Een boek lezen. Feedback vragen en die vervolgens verwerken tot een verbeterde versie van jezelf die je pas toont wanneer ze opnieuw toonbaar is.

Dit was dat niet. Mijn orkest zag het leerproces. Niet het resultaat ervan. Het rommelige stuk ervoor.

Ik had alle redenen om dat verschrikkelijk te vinden

Ik ben geen professioneel opgeleide dirigent. Dat is geen geheim. Mijn muzikanten weten dat ook. Maar weten dat iemand niet alles weet en er twee uur naar zitten kijken zijn toch verschillende dingen.

Ergens zit er als dirigent altijd een vreemd stukje theater in je job. Je staat vooraan. Iedereen kijkt naar jou. Je geeft de inzet. Je stopt de groep. Je zegt wat beter moet. Dat creëert automatisch autoriteit.

En dan nodig je iemand uit die meer ervaring heeft, laat hem naast je staan en zegt in feite: kijk maar even mee waar ik zelf nog tekortschiet.

Uitstekend plan. Geen enkel risico.

Ik had mij vooraf kunnen afvragen wat dat met mijn geloofwaardigheid zou doen. Dat deed ik trouwens waarschijnlijk ook. Alleen gebeurde er iets anders.

Ik verloor niets

Dat is misschien wat mij het meest is bijgebleven. Mijn muzikanten zagen mij gecorrigeerd worden. Ze zagen dingen niet lukken. Ze zagen mij opnieuw proberen. Ze zagen iemand anders soms in dertig seconden iets horen of oplossen waar ik zelf niet geraakt was.

En daarna ging ik vrijdag opnieuw voor hen staan. Er was niets kapot. Integendeel. Ik heb achteraf alleen maar meer respect gevoeld. Niet ondanks het feit dat ze mij zagen leren. Misschien deels daarom.

Je verliest geen autoriteit wanneer mensen zien dat je nog iets te leren hebt.

Dat heeft iets veranderd in hoe ik naar autoriteit kijk. Ik dacht blijkbaar ergens nog dat vertrouwen van een groep samenhing met hoeveel antwoorden degene vooraan heeft. Misschien is dat een nogal ouderwetse definitie.

De slimste persoon in de kamer

We zeggen in bedrijven graag dat leiders mensen moeten aannemen die beter zijn dan zijzelf. Dat klinkt fantastisch op LinkedIn. In werkelijkheid vinden veel mensen het vooral prettig zolang die betere persoon ergens anders in het organigram zit. Niet naast hen. Niet tijdens hun presentatie. Niet terwijl hun team meekijkt.

Want dan wordt het plots persoonlijk. Wat als iemand merkt dat die ander dit beter kan?

Dat is een vreemde vraag wanneer je ze hardop zegt. Natuurlijk kan Tijmen bepaalde dingen beter dan ik. Dat was letterlijk de reden waarom hij daar was.

Als ik alleen mensen wil uitnodigen van wie ik zeker weet dat ze mij niet kunnen overtreffen, krijg ik misschien een bijzonder comfortabele carrière. Mijn orkest wordt er alleen niet beter van.

En daar werd de keuze plots heel eenvoudig. Mijn ego staat niet op de eerste lessenaar. Mijn verantwoordelijkheid wel.

Tijmen Botma repeteert met fanfare Willen Is Kunnen in de zaal
Repetitie met Willen Is Kunnen, in aanloop naar de VLAMO-evaluatieconcerten.

Het confronterende deel was trouwens niet wat ik dacht

Ik verwachtte vooral geconfronteerd te worden met alles wat ik nog niet kan. Dat gebeurde. Er is nog gigantisch veel dat ik wil leren. Dingen die Tijmen sneller hoort. Dingen die hij technisch beter kan oplossen. Ervaring die ik simpelweg nog niet heb.

Maar vreemd genoeg was dat niet het enige wat die dag gebeurde. Hij bevestigde ook dingen. Keuzes die ik gemaakt had. Dingen die ik gehoord had. Manieren waarop ik met de groep werkte.

En dat vond ik bijna moeilijker om binnen te laten. Mijn gebrek aan klassieke dirigentenopleiding maakt dat ik gemakkelijk kijk naar iemand met veel meer ervaring en denk: vertel mij wat ik verkeerd doe. Het is blijkbaar iets lastiger om te horen: dit wat je doet, klopt.

Daar zat voor mij een tweede les. Leren van iemand die beter is betekent niet dat je alles wat je zelf hebt opgebouwd moet wantrouwen. Het betekent dat je nauwkeuriger leert onderscheiden: dit kan ik al. Dit nog niet. Hier zat mijn gevoel juist. Hier moet mijn kennis nog achteraan.

Dat is veel bruikbaarder dan algemene onzekerheid.

Misschien is dit wat expertise uiteindelijk doet

Vooraf dacht ik dat Tijmen mij vooral meer antwoorden zou geven. Achteraf denk ik dat hij iets beters deed. Hij maakte een aantal gaten in mijn kennis veel concreter. En een aantal dingen waarin ik mezelf niet volledig vertrouwde net steviger.

Ik kwam dus niet buiten met het gevoel: shit, ik kan dit niet. Ook niet: zie je wel, ik kan dit wél. Gelukkig maar.

Ik kwam buiten met een veel preciezere kaart. Hier sta ik. Daar kan ik naartoe. En voor sommige stukken van de weg bestaat er iemand die ze al veel vaker gelopen heeft.

Dat is eigenlijk bijzonder geruststellend.

Dus ja, ik wil nog oncomfortabel zijn

Waarschijnlijk ga ik spijt krijgen dat ik dit publiek opschrijf. Tijmen leest mee. Maar als hij mij morgen opnieuw vraagt:

“Wil je bijleren?”

Ja.

“Ben je bereid om oncomfortabel te zijn?”

Ook ja. Misschien iets minder enthousiast dan de eerste keer. Ik weet ondertussen wat hij ermee bedoelt.

Maar ik heb ook iets anders geleerd. Je verliest geen autoriteit wanneer mensen zien dat je nog iets te leren hebt. Misschien verlies je vooral autoriteit wanneer je zo bang bent om dat te tonen dat iedereen rondom jou moet stoppen met groeien zodra ze bij jouw grens komen.

Mijn muzikanten zagen iemand die beter is dan ik mij corrigeren. En daarna gingen ze vrijdag opnieuw voor mij zitten. Niet omdat ze nu denken dat ik alles weet. Dat dachten ze hopelijk daarvoor ook niet.

Maar misschien omdat vertrouwen uiteindelijk helemaal niet betekent: zij heeft alle antwoorden. Misschien betekent het: zij gaat blijven zoeken wanneer ze het antwoord nog niet heeft.

Daar kan ik voorlopig wel mee leven. En anders vraag ik het de volgende keer aan Tijmen.